Prinses Mathilde en Prins Filip hebben deze week laten weten dat ze in de lente van 2008 hun 4de spruit verwachten. Prachtig nieuws! De harten van overjaarse grootmoeders met een zwak voor het koningshuis bezwijken bijna onder al dat geluk. Het vooruitzicht van nieuwe koekedozen met daarop de nieuwe familiefoto inclusief jongste telg maakt hen razend van nieuwsgierigheid. Kwijlend van ongeduld tellen ze af naar de nieuwe lente, hopend dat zelf die dag nog mogen meemaken. Kortom, het rusthuispersoneel heeft dezer dagen zijn handen vol.

De gewone burger heeft doorgaans een andere kijk op de uitbreiding van de koninklijke familie. Een nuchtere kijk zeg maar. En een minder enthousiaste. En dat is niet verwonderlijk. Vier kinderen is namelijk teveel van het goede.

25 oktober 2001 was één van de weinige dagen in de recente Belgische geschiedenis dat de ganse bevolking zich kon verheugen over éénzelfde feit: de geboorte van prinses Elisabeth. Twee jaar later bij de geboorte van Prins Gabriel waren de Belgische harten opnieuw vervuld van trots en geluk: de koningsdroom in vervulling! Bij de derde nakomeling – Emmanuel – was het enthousiasme al merkelijk gedaald. Weer een kindje bij, fijn. Nu, bij het vierde kind, begint het gênant te worden. Wéér een kind bij? En Laurent, hoeveel heeft die er ondertussen al?

En dan volgt de onvermijdelijke opmerking: “Wie betaalt dat allemaal?”

Een terechte opmerking vind ik. Het hele plaatje zou anders zijn als de koninklijke familie zelfbedruipend zou zijn. Dan zouden ze wellicht niet eens tot vier kinderen gegaan zijn. Twee zou dan wel ruim voldoende zijn, anders wordt het moeilijk om de eindjes aan elkaar te knopen. Iedereen, behalve blijkbaar de ouders zelf, weet trouwens dat die kinderen sukkelaars zullen worden. Op de vingers gekeken door iedereen, opgevoed door een bende wereld- of wildvreemden en gedropt in een leven dat ik niemand toewens.
Ik vraag me daarbij luidop af of Filip en Mathilde wel bekwaam zijn om kinderen op te voeden. Ik herinner me namelijk het geval ‘Laika’. De jonge pup van het paar werd in 2001 in de keuken aan de deurklink vastgebonden, omdat ze even geen tijd hadden om naar het dier om te zien. Het ongelukkige hondje heeft zich verhangen aan zijn leiband. Ik zou hetzelfde gedaan hebben.